Ontstaan van natuursteen

Natuursteen is een milieuvriendelijk, duurzaam natuurproduct met een uniek uiterlijk. De voorraad is haast onuitputtelijk, want onze veertig kilometer dikke aardkorst bestaat voor het grootste gedeelte uit dit materiaal. De vorming van die aardkost - en dus van natuursteen - is een continu geologisch proces, dat een tijdspanne beslaat van miljoenen jaren en doorgaat tot op de dag van vandaag. Natuursteen wordt gevormd uit afgekoeld vloeibaar gesteente, zoals magma of lava, dat ontstaat door uitbarstingen van vulkanen of uit sediment (zand, klei, kalk). Dit is vaak onder druk versteend, in combinatie met hoge temperaturen. Het geologisch proces bepaalt dus het uiterlijk en de eigenschappen van natuursteen. Omdat geen plek ter wereld dezelfde geologische ontwikkeling doormaakt, is geen natuursteen gelijk. Het oerproduct wordt in groeven gewonnen. Het wordt gewonnen in blokken, waarna het wordt gezaagd tot platen of tegels.

Hoofdgroepen

Natuursteen is een 100% natuurproduct. De duizenden soorten zijn te verdelen in 3 hoofdgroepen:

  1. Stollinggesteenten; onder te verdelen in diepte-, gang-, en uitvloeiinggesteenten
  2. Sedimentgesteenten; onder te verdelen in afzetting- en neerslaggesteenten
  3. Metamorfe gesteenten
Voor een schematisch overzicht klik hier.

Stollingsgesteenten

Stollingsgesteenten ontstaan door afkoeling en stolling van vloeibaar gesteente, ook wel magma genoemd. Dit kan zowel in als op de aardkost plaatsvinden. In het eerste geval spreken we van dieptegesteenten, in het tweede geval van uitvloeiinggesteenten. Als tussenvorm kan magma ook stollen in spleten of breuklagen in de aardkost; ganggesteenten.

Sedimentgesteenten

Sedimentgesteenten zijn ontstaan in rivieren en zeeën. Afzettinggesteenten zijn ontstaan door het afzetten van klei-, zand- of kalklagen die vervolgens zijn versteend. Neerslaggesteenten zijn ontstaan door het neerslaan van kalk uit met kalk verzadigd water.

Metamorfe gesteenten of omvormingsgesteenten

Door beweging in de aardkost ontstaan bergketens en zeetroggen. Tijdens de vorming hiervan kunnen reeds gevormde stolling- of sedimentgesteenten worden blootgesteld aan extreme druk en/of hoge temperaturen. Daardoor ondergaan deze gesteenten een gedaanteverwisseling of metamorfose en veranderen uiterlijk en eigenschappen.